Inloggen

Doelstelling ontwikkeling van het protocol

Een behandelprotocol voor de behandeling van artrosepatiënten van vijftig jaar en ouder door oefentherapeuten Cesar en Mensendieck. Het protocol is transparant, innovatief en goed toepasbaar. Het protocol is ontwikkeld om een interactieve behandelmethode aan te reiken voor patiënten met artrose. Artrose valt als indicatie niet onder de lijst chronische aandoeningen. Hiervoor is dus een afgerond behandelplan en doel noodzakelijk.

Momenteel wordt artrose nog vaak met doorlopende therapie behandeld . Dit is volgens inzichten van oefentherapeuten Cesar en Mensendieck niet noodzakelijk. Recente onderzoeken tonen aan dat actief oefenen, en dan met name in de vorm van ADL activiteiten, het meest bijdragen tot gezond functioneren. Dit is goed aan te leren in een van te voren bepaald en afgerond behandelschema; een programma dat informeert en appelleert aan de zelfredzaamheid van de patiënt. Het aantal behandelingen dat hiervoor nodig is, zal liggen tussen minimaal twaalf en maximaal achttien behandelingen.

Het protocol beschrijft de behandelmethode van patiënten met artroseklachten die beperkingen hebben in activiteiten en/of participatie. Het heeft oog voor individuele problemen en levert hier maatwerk voor. Er zijn geen apparaten nodig voor de uitvoering, zodat geen therapieafhankelijkheid ontstaat ten opzichte van de therapeut. De hulpvraag van de patiënt is het belangrijkste gegeven tijdens de behandeling. Het leren nemen van eigen verantwoordelijkheid is een onmisbaar onderdeel van de therapie.

De richtlijn artrose, in eerste instantie ontwikkeld en uitgegeven door de VBC (Vereniging Bewegingsleer Cesar), en later opnieuw uitgegeven door de VVOCM (Vereniging voor Oefentherapeuten Cesar en Mensendieck), is het uitgangspunt voor de opstelling van het behandelprotocol artrose. Deze, in verkorte vorm opgenomen richtlijn, is aangevuld met informatie over best practice methodes en inzichten betreffende de behandeling van artrose van de laatste jaren.

De uniformiteit van het protocol maakt het transparant en geschikt voor verzameling van behandelgegevens. Door het gestandaardiseerde gebruik van testen, een nulmeting en eindmeting, kunnen behandelresultaten worden verzameld en geëvalueerd. Dit geeft de mogelijkheid tot onderzoek en, indien nodig, bijstelling van het protocol.

Ga terug naar de vorige pagina..